Beperking van platforms zoals Airbnb en tweede woningen

Leestijd van het artikel: ca. 5 Minuten -

De Europese Commissie heeft de lokale overheden woensdag (9 september 2026) een juridisch schild aangeboden voor maatregelen die de activiteiten van platforms voor kortetermijnverhuur zoals Airbnb of de aan- en verkoop van tweede woningen beperken, maar heeft daarbij duidelijk gemaakt dat er voorwaarden moeten gelden om ervoor te zorgen dat het om „evenredige“ maatregelen gaat, die per geval worden aangepast aan gebieden met een krappe woningmarkt en nadat is aangetoond dat ze gerechtvaardigd zijn en van tijdelijke aard zullen zijn.

De door Brussel voorgestelde wet voor betaalbare huisvesting „stelt geen lijst vast van maatregelen die altijd verenigbaar zijn met het EU-recht“, aangezien een dergelijke garantie „onmogelijk“ zou zijn, waarschuwen EU-bronnen. Het gaat veeleer om het scheppen van duidelijkheid over de handelingsruimte op basis van een „beoordeling per geval“, waarbij wordt onderzocht hoe een bepaalde maatregel is opgezet, welk doel deze nastreeft en welke gevolgen deze heeft.

De nieuwe regeling – waarvan de definitieve vorm nog moet worden onderhandeld tussen de Raad (regeringen) en het Europees Parlement moet worden uitgewerkt en die na de inwerkingtreding ook van toepassing zal zijn op reeds aangenomen voorschriften – vormt geen goedkeuring van een algemeen verbod of een algemene beperking, maar legt een methodiek vast waarmee lokale overheden aan de hand van gegevens kunnen aantonen dat de betreffende maatregel vanwege zijn omvang, frequentie of commerciële oriëntatie aanzienlijke negatieve gevolgen heeft voor de lokale woningmarkt.

Leestip:  In de toekomst geen toeristische accommodatie meer in Barcelona
--|- Let op onze advertentiepartners! -|--Ga ook aan en doneer vandaag nog. Met jouw steun maken we baanbrekend onderzoek, vroege ontdekking en de beste zorg mogelijk. Dankjewel!

Zo moeten de autoriteiten die maatregelen nemen bijvoorbeeld aantonen dat de spanningen op de woningmarkt of de gevolgen daarvan voor de betaalbaarheid of beschikbaarheid van woonruimte al ten minste drie jaar bestaan, en dat de voorgenomen reactie evenredig is en dat andere, minder beperkende alternatieven niet even doeltreffend zouden zijn. Elke maatregel tegen kortetermijnverhuur moet bovendien beperkt blijven tot het concrete geval en de rechtszekerheid en de grondrechten waarborgen.

Bovendien moeten zij aantonen dat de genomen maatregel evenredig is en bijdraagt aan het verlichten van de druk op betaalbare woonruimte; en dat deze wordt genomen op basis van een voorafgaande diagnose die bevestigt dat het om een „gespannen“ gebied gaat, waarbij criteria gelden zoals bijvoorbeeld dat de kosten van een woning meer dan acht keer het jaarlijkse netto-inkomen bedragen.

Bovendien geldt voor elke maatregel een maximale looptijd van vijf jaar, waarbij deze termijn regelmatig kan worden herzien op basis van nieuwe beoordelingen volgens dezelfde methodiek; en zoals Brussel benadrukt, mogen de beperkingen „geen vervanging vormen voor maatregelen die gericht zijn op de structurele oorzaken van de woningnood, zoals de bouw of renovatie“ van woningen.

Wat betreft de maatregelen ter regulering van tweede woningen of langdurige leegstand van woningen streeft Brussel naar rechtszekerheid en wijst het erop dat de aan de aankoop verbonden voorwaarden niet met terugwerkende kracht mogen gelden;

er moeten passende overgangsregelingen zijn die rekening houden met scenario’s zoals langdurige leegstand, bijvoorbeeld in het geval van een tijdelijke verhuizing om beroepsredenen of een langdurig verblijf in het ziekenhuis.

„Als de markt niet in staat is om iets zo fundamenteels als betaalbare woonruimte te bieden, hebben de overheden de verantwoordelijkheid om op te treden. Met de wet inzake betaalbare huisvesting creëren we rechtszekerheid voor de lokale overheden en stellen we hen in staat maatregelen te nemen en een van de grootste problemen van onze tijd aan te pakken”, verklaarde Teresa Ribera, vicevoorzitter van de Europese Commissie voor een schone, rechtvaardige en concurrerende transitie.

Volgens de meest recente Eurobarometer-enquête, waarnaar de EU-diensten verwezen, beschouwt meer dan 50 % van de inwoners van Europese steden huisvesting als een direct en urgent probleem in hun woonplaats. In het geval van Madrid bijvoorbeeld zijn van de 100 op de markt beschikbare woningen voor de langetermijnhuurmarkt er 40 bestemd voor de kortetermijnhuurmarkt.

In dit verband wees de commissaris voor Energie en Huisvesting, Dan Jorgensen, er bovendien op dat de bouw van nieuwe woningen en de renovatie van de bestaande woningvoorraad weliswaar „nog steeds onmisbaar“ zijn, maar dat de Unie de problemen rond de toegang tot huisvesting dringend moet aanpakken en „gebruik moet maken van de reeds bestaande mogelijkheden“.

„Woningruimte is niet louter een handelswaar. Het is een recht en een fundamentele pijler van de menselijke waardigheid. Europeanen moeten de mogelijkheid hebben om te wonen, te werken en te blijven op de plaatsen die zij als hun thuis beschouwen. Zij moeten in staat zijn om een betaalbare en waardige woning te vinden op de plek waar zij hun leven willen opbouwen“, benadrukte hij.

Bron: persbureaus